Sovon vogelonderzoek Nederland en Vogelbescherming Nederland gaven in 2011 de boerenzwaluw extra aandacht.
Deze sierlijke vertegenwoordiger van een natuurrijk landelijk gebied komt nog algemeen voor, maar zit wel in de knel.
De stand halveerde in veertig jaar en staat dan ook op de Rode Lijst. Boerenzwaluwen leven in de buurt van mensen.
Je zou dus denken dat de belangrijkste oorzaken van de achteruitgang al bekend zijn. Dit is echter niet het geval.
Daarom hebben we in 2011 met hulp van vrijwilligers, boeren en buitenlui de kennis verzameld die nodig was om de boerenzwaluw beter te beschermen.
Uw hulp dus.
Vrijwilligers voor Sovon verzamelen allerlei gegevens, zowel van broedvogels, standvogels als van trekvogels.
Meestal wordt een Sovon-blok (5 x 5 km) geinventariseerd. Deze boerenzwaluw-broedvogeltelling werd uitgevoerd in zgn. kwartblokken,
2.5 x 2.5 km Rond het Schildmeer zijn 4 kwartblokken onderzocht, hiertoe werden alle geschikte broedplaatsen 1 á 2x bezocht
en het aantal bewoonde nesten op een kaartje ingetekend. Tevens werd een vragenlijst ingevuld betreffende de broedplaats,
b.v soort schuur, oud of nieuw,vee aanwezig enz. De inventarisatie vond plaats rond juni/ juli. De onderzochte gebieden staan
op bovenstaand kaartje. Hieronder ziet u een samenvatting van de inventarisatie.
Siddeburen e.o.: op 11 adressen zijn zwaluwen gevonden met in totaal 27 nesten.
Per locatie resp. 1 - 3 - 2 - 5 - 1 - 1 - 5 - 3 - 2 - 1 - 3 broedpaar.
Op deze locaties is vee aanwezig, meestal in de vorm van één of meerdere paarden.
Er broeden kleine aantallen t/m 5 paar per locatie.
Hellum / Schildwolde landelijk gebied (2 kwartblokken): op 10 adressen zijn zwaluwen gevonden met in totaal 160 nesten.
Per locatie resp. 17 - 3 - 1 - 2 - 14 - 52 - 49 - 5 - 14 - 5 broedpaar.
Op deze locaties is vee aanwezig, waarvan op 8 locaties het vee uit koeien bestond. In het onderzocht gebied zijn 5 locaties met meer dan 10 nesten.
Overschild e.o. : op 15 adressen zijn in totaal 127 nesten gevonden.
Per locatie resp. 12 - 1 - 8 - 1 - 1 - 3 - 1 - 6 - 3 - 1 - 2 - 22 - 26 - 1 - 39 broedpaar.
Op 12 locaties is vee aanwezig en op 3 locaties is er geen vee maar wel zwaluwen. In het onderzocht gebied waren 4 locaties met meer dan 10 nesten.
Conclusie: In deze 4 kwartblokken (25 km2) werden in totaal 314 paar boerenzwaluwen aangetroffen. Paardenboxen / schuurtjes zijn aantrekkelijk voor zwaluwen, meetal gaat het om kleine aantallen behalve aan de Oosterpauwenweg bij de fam.Kroon. Hier bevindt zich de grootste kolonie met 52 paar. Verder werden in bijna alle ligboxstallen zwaluwen aangetroffen. Van de 9 kolonies met >10 nesten zijn er 7 gehuisvest in eerder genoemde stallen. Daar aanwezigheid van vrije toegang, vee voor voedsel (insecten) en modder voor nestbouw belangrijk is.
| Boerenzwaluwen | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | 2011 |
| Versteeg*, Schildwolde; koeien | 33 | 45 | 36 | 45 | 43 | 40 | 51 | 49 |
| v.Tilburg**, Hellum; koeien | 45 | 38 | 21 | 24 | ? | 20 | 20 | 17 |
| J.Kuiper***, Wagenborgen. varkens | 28 | 30 | 49 | 50 | 48 | 47 | 39 | 48 |
| Mini camping 't Hofje. Slochteren | -- | -- | -- | 20 | ? | 38 | ? | 35 |
| * Versteeg: koeien lopen buiten. In 2006 is de oude boerderij gesloopt. In de ligboxstal hebben we een tiental kunstnesten
opgehangen. Enkele waren bezet, geen groot succes. De zwaluwen zijn verhuisd van de oude boerderij naar de nieuwe stal. ** v.Tilburg: koeien ook buiten. Hier loopt het aantal langzaam terug. Een graag gebruikte oude paardenstal is gesloopt en regelmatig is er een broedgeval van een kerkuil, misschien de oorzaak? ***Jan Kuiper: voor dat hij het bedrijf overnam, ca.1990, waren hier geen boerenzwaluwen. Als het langdurig koud en nat is in het broedseizoen sterven hierdoor soms tientallen jonge zwaluwen. Daarentegen is het tijdens het broedseizoen optimaal weer, dan worden er 3 nestjes uitgebroed. Rinus Dillerop ringt hier regelmatig. |
||||||||
Bijzonderheden:
Boerenzwaluwen gaan ook met hun tijd mee. Jan Hoving had in 2011 voor het eerst een nestje onder een golfplaten dak,
het was te heet in juni. Een oplossing werd gevonden in het met succes plaatsen van een gazonsproeier op het dak boven het nest.
Bij Hanneke Terpstra werden een aantal jonge zwaluwen geringd door Rinus Dillerop en nog in dezelfde week werden twee
hiervan dood gereden op de naastgelegen weg.
Jos v.Dijken monteerde een 6 tal kunstnesten in zijn nieuwe paardenschuur, waarvan 2 direct bezet maar helaas 2 nestjes met
dode jongen opleverde. Oorzaak vermoedelijk langdurige kou en regen en daardoor te weinig voedsel.
Deelnemers aan dit onderzoek waren Jan Hoving, Carel Leemhuis, Rinus Dillerop en ondergetekende.
Tevens wil ik hier iedereen bedanken die ons toegang/gastvrijheid heeft verschaft tot de broedlocaties.
Natuur en Landschap Duurswold. WerkgroepNLD(at)planet.nl Jan Glas
(een korte samenvatting van wat ons bezig hield)
Een - de dijk rond het Schildmeer: De kleine karekiet (een vogeltje van amper 10 gram) overwintert
in tropisch Afrika. Afrika-gangers leiden op de trek grote verliezen. Als deze vogels in het voorjaar bij het Schildmeer zijn
neergestreken hebben ze er duizenden kilometers opzitten. Ze doen dat bij voorkeur in grof riet bestaand uit mooi volgroeide
stengels. Dat is ook de reden dat ze laat met broeden beginnen en ook vanwege twee of drie broedsels pas laat daarmee stoppen.
Daarom wordt er altijd te vroeg gemaaid.
Voor de dijkverhoging rond het meer werd er in de herfst gemaaid, dat was goed en goedkoop. Na de dijkverhoging ging het mis. Na klachten van NLD werd verzekerd dat er in 2011 na 15 juli gemaaid zou worden.
Helaas, eind juni van dit jaar (dat is dus midden in het broedseizoen) opnieuw alles kaal. Op de Groeve nog gezocht naar kapot
gemaaide nesten, alleen dat is een bewijs van overtreding voor de wet. In de eerste 50 meter van de oever is een smal strookje
riet blijven staan van ± 20 cm breed, hierin zaten twee nestjes van de kleine karekiet. Eén met drie jongen hing vanwege het
maaigeweld totaal scheef, de jongen moesten zich vastklampen om er niet uit te vallen en in het andere nestje lagen 5 eitje.
Onze zoektocht was op een donderdag, de vrijdag erna heb ik foto's gemaakt van het rampgebied. Wat schetst mijn verbazing,
er lagen nu drie karekiet eitjes in het nest + een ei van een koekoek. Deze zag direct haar kans waar in een nestje dat zo voor
het zicht lag. De dijk was aan beide zijden tot onder in het talud gemaaid.
Het gaat hier wellicht om honderden kapot
gemaaide nesten rond het meer. Het waterschap heeft opnieuw een belofte gedaan: voor de veiligheid van tractor en chauffeur
wordt de bovenkant van de dijk kort gehouden en de taluds pas in of na augustus. Rietvogels als de kleine karekiet hebben dan
hun broedsels groot en kunnen ze opnieuw aan hun lange ongewisse reis naar Afrika beginnen.
Twee - weilanden om te hooien SBB: Als er nesten liggen in het hooiland mag er niet gemaaid worden volgens
de Flora en Fauna wet. Vooral in de zogenaamde weidevogelreservaten wordt pas na 15 juni gehooid, de meeste weidevogels zijn
uitgebroed maar of ze allemaal vliegvlug zijn is meestal niet het geval en de meeste jongen gaan alsnog door de versnipperraar.
Graspiepers, veldleeuwerik enz. hebben dan nog volop eitjes of nesten met jongen te verzorgen, ook voor de 2e of 3e keer,
nodig om de soort in stand te houden. Op 11 juni s'avonds het weiland achteraan links van de Kappershuttenweg gedeeltelijk
geïnventariseerd. Op 15 juni wilde de pachter gaan maaien, één keer ben ik rondgelopen en alle zingende vogels, vogels met
voer, alarmerende vogels enz. ingetekend op een plattegrond.
In totaal had ik 10 x leeuwerik, 3 x graspieper, 1 wulp en en 1 gele kwikstaart. Door één keer rond te lopen had ik ± 60 % gehad, ruim voldoende om aan te geven dat er niet gemaaid kon worden op 15 juni. Een al eerder gedane leuke ontdekking: 2 paar roodborsttapuiten aan de rand van de weilanden aan de zuidkant van het Schildmeer.
Drie - de Haansvaart: Jaren van ellende wat betreft onderhoud aan de Haansvaart lijken voorbij. Afspraak is maaipaden kort houden, één talud en de helft van de bodem klepelen/maaien en schoonmaken in de herfst en de andere helft niet schoonmaken of maaien. Op deze manier hebben dieren nog enige beschutting in de winter en na de winter heeft het voorjaar een vlotte start met het gespaarde leven in en langs de vaart. In een volgende Nieuwsbrief komen weer wat inventarisaties.
Bult schelpen: Inmiddels zijn ze al verwerkt, de bult schelpen van meer dan 100kubikemeter, ze lagen vooraan rechts aan de
Slochtermeenteweg, bij het begin van de natuurontwikkeling. Het zijn hele schelpen en die zijn niet geschikt voor een
fietspad. Daar zijn ze dan ook niet voor bedoeld. Het graafwerk in fase 1 van Dannemeer vordert gestaag, de contouren van
twee eilanden omgeven door diep water (tegen vossen) zijn zichtbaar. Om een kolonie visdieven te lokken naar de nieuwe natuur
wordt op een eiland een broedplek ingericht van zo'n 1000kwadratmeter. Een ondergrond van schelpen om op te broeden is hun natuurlijke
habitat, ook scholeksters en plevieren maken hier gebruik van. De NLD heeft daarom nadrukkelijk de schelpenondergrond
voorgesteld. Mooi dat dat gelukt is, het
Dannemeer wordt niet alleen voor ganzen en eenden
Een waardeloos slootje: op een paar honderd meter van de Schildwolderdijk, tussen de Slochtermeenteweg en het Slochterdiep
ligt een waardeloos slootje. Een smalle watergoot met aan beide kanten een hoge beschoeiing van ± 60 cm. Men weet dat hier
dieren op een verschrikkelijke manier aan hun einde komen, waarom maakt men dan toch zoiets? Gaat het om het niet in het bezit
hebben van een één meter brede grondstrook, nodig voor tenminste één flauw talud. Op 2 juli telefoon van ons lid de heer
Stegeman: met meerdere mensen hadden ze een oude en een jonge ree uit de sloot gehaald, ze konden het niet op eigen kracht.
Regelmatig liggen er dode dieren zoals egels en hazen in deze val. Hoezo Flora en Fauna wet? Hier komen we op terug.Jan Glas